12/07/2026
Een bontjas in de zomer? Daar gaan we weer…
Hoogzomer, tropische temperaturen en toch moet de doodlevacht vooral lang blijven. Elk jaar zie ik dezelfde berichten weer langskomen waarin wordt beweerd dat een doodlevacht vooral niet ingekort mag worden omdat deze de hond zou beschermen tegen de warmte.
Maar zo eenvoudig is het niet.
Kijken we naar de wolf, de voorouder van onze huishond, dan zien we een duidelijk seizoensgebonden vacht. Door duizenden jaren natuurlijke selectie ontstond een vacht die was aangepast aan het klimaat: dik en isolerend in koude gebieden, lichter in warmere streken. Daarna ging de mens gericht fokken en ontstonden allerlei vachttypen. Eén eigenschap hadden deze honden vrijwel allemaal gemeen: ze verhaarden.
Door selectief te fokken ontstonden honden die ogenschijnlijk niet verharen, zoals veel doodles. In werkelijkheid verliezen ook zij haren, maar die blijven in de krulvacht hangen. Dat maakt de vacht prachtig, maar ook onderhoudsgevoelig.
En daar zit nu precies het probleem.
Veel eigenaren kiezen bewust voor die lange, aaibare teddybeerlook. Maar niet zelden betaalt de hond daarvoor de prijs.
Een lange doodlevacht vraagt intensief onderhoud. Een trimbeurt om de acht weken is niet voldoende. Tussen de trimbeurten door moet de vacht regelmatig worden gekamd, geborsteld en gecontroleerd op klitten. Gebeurt dat niet, dan ontstaan verviltingen die aan de huid trekken, vocht vasthouden en de kans op hotspots, huidontstekingen en andere problemen sterk vergroten.
Gaat een doodle met een lange vacht zwemmen om af te koelen, dan is aan de lucht laten drogen geen optie. De vacht moet volledig worden uitgeblazen en gedroogd om vervilting te voorkomen. Ook teken, wondjes en huidproblemen zijn onder een lange vacht veel moeilijker te ontdekken.
De huid is het grootste orgaan van het lichaam en speelt een belangrijke rol bij de warmteregulatie. Honden voeren warmte af via dunbehaarde lichaamsdelen, zoals de buik en de voetzolen. Helaas zie ik regelmatig doodles op de trimtafel waarvan zelfs de buik vervilt is. Juist deze honden missen daardoor de mogelijkheid om optimaal warmte af te voeren. En als de buik al vervilt is, hoe zit het dan met de poten, waar grote bloedvaten vlak onder de huid lopen? Zeker tijdens warme zomerdagen kan een vervilte vacht een serieus gezondheidsrisico vormen.
Gelukkig is veel hiervan eenvoudig te voorkomen. Een sportief kapsel van ongeveer 6 tot 13 mm houdt een doodle nog steeds mooi en herkenbaar. Een goede trimmer kan ook met een kortere vacht die typische zachte doodle-uitstraling behouden.
Korter betekent bovendien niet kaal. Integendeel. Juist lange, slecht onderhouden vachten eindigen uiteindelijk op st***je nul omdat er geen doorkomen meer aan is.
Wie kiest voor een lange doodlevacht, kiest dus ook voor de verzorging die daarbij hoort: meerdere uren per week kammen, borstelen, controleren op klitten en parasieten en na het zwemmen zorgvuldig drogen. Ben je daar niet toe bereid of in staat, dan is een kortere vacht simpelweg de meest diervriendelijke keuze.
Bedenk ook hoeveel prettiger dat is voor je hond. De tijd die anders opgaat aan het uitpluizen van klitten kan worden besteed aan wandelen, spelen en samen plezier maken.
Een sportief getrimde doodle is nog steeds een prachtige doodle. Hij ziet er verzorgd uit, voelt zich comfortabeler en kan zijn warmte beter kwijt. Bovendien kun je in de winter altijd weer kiezen voor een iets langere vacht.
Misschien moeten we ons daarom wat minder afvragen wat wij mooi vinden, en wat vaker kijken naar wat voor de hond het prettigst is.
Want uiteindelijk draag jij de bontjas niet. Je doodle wel.
© Upsidedown Labradoodles