15/02/2026
Eros heeft zijn gouden mand gevonden
mijn jongen, een nieuw leven wacht met open armen
Ik zag je weer.
Alsof de tijd even vergat wat er al besloten was.
Alsof niets definitief hoefde te zijn.
Je kwam naar me toe zoals alleen jij dat kunt.
Je hoofd tegen mijn borst.
Even weer pup.
Even weer onbevangen.
Je herkende me niet met je ogen, maar met je ziel.
Je bent bij mij geboren.
Je zit in mijn hart, voor altijd.
In de stilte tussen twee ademhalingen droeg jij iets wat geen dier zou mogen dragen:
het besef dat liefde soms verandert.
Dat mensen keuzes maken die een hond niet begrijpt.
En toch…
ben jij alleen maar liefde gebleven.
Je lijf vertelt dat het zwaar was.
Te weinig beweging.
Te weinig ruimte.
Te weinig gezien worden.
Maar wat mij het meest raakte was hoe voorzichtig je vroeg of je mocht blijven.
Alsof je niet zeker wist of je nog welkom was in de wereld.
Ze kozen een ander pad.
Een leven elders.
En jij paste daar niet meer in.
Ik laat hun keuzes bij hen.
Ik verander de werkelijkheid niet om haar zachter te maken.
Wat is, is.
Ze gingen zonder je gedag te zeggen.
Zonder aanraking.
Zonder blik achterom.
Alsof je iets was
dat men achterlaat
wanneer het lastig wordt.
Je zat naast me
als een hoopje ellende.
Het enige wat ik kon doen
was je vasthouden.
Misschien waren ze je nooit waard.
Wat ik nu wél zie, is dit:
jij verdient een plek waar je niet past,
maar waar je hoort.
En toen gebeurde er iets moois.
Zoveel mensen lazen jouw verhaal.
Zoveel harten voelden met je mee.
Zoveel handen deelden jouw naam, op zoek naar dat ene gouden mandje.
Aan iedereen die jouw bericht heeft gedeeld:
dank jullie wel.
Voor het zien.
Voor het meedragen.
Voor het niet wegkijken.
Aan iedereen die zijn deur wilde openen,
die zei: “Hier mag hij komen.”
Dank jullie wel voor jullie warmte, jullie bereidheid, jullie open hart.
En ja…
we hebben het gevonden.
Een plek waar je weer mag bewegen.
Waar je lichaam lichter wordt.
Waar je hart mag herstellen.
Een plek tussen dieren, tussen paarden en schapen,
tussen mensen die tijd hebben en die kiezen.
Voor jou,ik doe altijd mijn best voor herplaatsing maar
voor jou deed ik een stapje extra om je weer te laten vliegen
Misschien was dit geen einde, maar een overgang.
Geen verlies, maar een verschuiving naar waar je werkelijk thuishoort.
Eros, mijn jongen,
je bent niet achtergelaten.
Je bent gedragen.
Door velen.
Door liefde.
En ik?
Ik laat je nooit los.
Niet vandaag.
Niet morgen.
Niet in stilte.
Je bent gezien.
Je bent geliefd.
En nu…
ben je thuis.