22/05/2026
๐ญ๐ผ๐ฎ๐น๐ ๐ท๐๐น๐น๐ถ๐ฒ ๐๐ฒ๐น ๐๐ฒ๐๐ฒ๐ป, ๐ธ๐ผ๐บ๐ ๐ฒ๐ถ๐ป๐ฑ๐ฒ๐น๐ถ๐ท๐ธ ๐ฑ๐ผ๐ป๐ฑ๐ฒ๐ฟ๐ฑ๐ฎ๐ด ๐ฎ๐ด ๐บ๐ฒ๐ถ ๐ฑ๐ฒ ๐๐ถ๐๐๐ฝ๐ฟ๐ฎ๐ฎ๐ธ ๐ถ๐ป ๐ฑ๐ฒ ๐๐ฎ๐ฎ๐ธ ๐ผ๐๐ฒ๐ฟ ๐ฑ๐ฒ ๐ฝ๐ผ๐๐ถ๐๐ถ๐ฒ๐ณ๐น๐ถ๐ท๐๐.
Allereerst is het belangrijk om te benadrukken dat het helemaal niet ons doel is om ervoor te zorgen dat alle diersoorten zomaar zonder enige regel te houden zijn. Wij strijden voor hoog dierenwelzijn en staan voor serieuze houders die zorgvuldig met hun dieren omgaan. De reden dat dan toch deze zaak plaatsvindt, is omdat het ons inziens duidelijk is dat de huidige positieflijst tot stand is gekomen op basis van onderbuikgevoelens en emoties, en er een werkwijze is gebruikt bij het beoordelen van diersoorten, die nogal wat gebreken vertoont. Een belangrijk voorbeeld daarvan is dat er in de beoordeling geen ruimte is gelaten voor het meenemen van de houderijomstandigheden. Bijvoorbeeld: het feit dat de Russische dwerghamster slecht bestand is tegen het Nederlandse klimaat levert volgens de beoordelingsmethodiek een kruisje op, terwijl deze soort in Nederland binnenshuis wordt gehouden, waardoor deze dus helemaal niet te maken krijgt met Nederlandse weersomstandigheden. Los van de vraag of die extreme kou in Nederland wel zo schadelijk zou zijn voor een dier afkomstig uit Siberiรซ. Voor bijvoorbeeld konijnen, honden, katten, paarden etc. maakt het eigenlijk niet zo veel uit hoe hun beoordeling in dezelfde methodiek uitvalt, want volgens de overheid zijn deze soorten per definitie houdbaar, simpelweg omdat ze gedomesticeerd zijn. Aan de kennis en kunde van de houder hoeft men dan blijkbaar geen eisen te stellen.
Tussen jullie en ons gesproken: wij zijn allemaal dierenliefhebbers, en in de meeste gevallen ook dierhouders, en wij weten allemaal met zekerheid dat hoog of laag dierenwelzijn in het overgrote deel van de gevallen (genetische afwijkingen etc daargelaten) het resultaat is van de eisen die een dier stelt, in combinatie met de manier waarop daar in de houderijomstandigheden al dan niet aan voldaan wordt (of, zoals in onze optiek de standaard moet zijn: hoe deze door de houder overtroffen worden).
Dan is het dus uitermate teleurstellend dat de overheid steeds opnieuw positieflijsten opstelt die helemaal geen enkele eisen stellen aan houderijomstandigheden voor diersoorten die veelvuldig gehouden worden en welke regelmatig te maken krijgen met lager welzijn door verkeerde houderijomstandigheden, terwijl aan de andere kant diersoorten verboden worden die vele malen minder vaak voorkomen in de houderij, en welke over het algemeen alleen door gespecialiseerde houders en -fokkers worden gehouden die hun houderijomstandigheden keurig op orde hebben, en waarvan het houden niet leidt tot aantasting van welzijn voor het dier, gevaar voor de mens of het milieu.
Mooier zou het zijn als er iets tot stand komt waarin de manier waarop een dier gehouden wordt, en de kennis die een houder heeft, worden meegewogen. Dat zou betekenen dat de beoordeling van individuele soorten helemaal niet nodig is, in plaats daarvan zouden ze moeten worden ingedeeld in categorieรซn, waarbij gekeken wordt naar hoe zwaar de eisen zijn die een diersoort aan zijn houder stelt. Daarbij kunnen houderijrichtlijnen als uitgangspunt volstaan die nu ook al toegepast worden in andere landen, en welke ook in Nederland gebruikt worden bij bijvoorbeeld controles en handhavingen bij particulieren en dierentuinen. Op die manier kunnen de houders die op een serieuze manier met het houden van dieren omgaan hun hobby blijven uitoefenen, en kan handhaving succesvol ingrijpen indien er zich misstanden voordoen, zowel bij soorten waarbij een bepaald niveau van specialisme nodig is, als soorten die nu in feite vogelvrij zijn.
Dit is waar Stichting Animalia voor strijdt en waarom wij met grote nieuwsgierigheid uitkijken naar de uitspraak van rechters van het CBb op 28 mei. De komende dagen zullen we ook een tipje van de sluier lichten over wat onze verwachtingen zijn.